Hoe moeten de klimatologische omstandigheden zijn?

De klimaatsregeling moet in het oog gehouden worden. Een aangepast en stabiel klimaat is zeer belangrijk voor het bewaren van gepolychromeerde objecten. Aangezien deze objecten uit verschillende materialen vervaardigd zijn (hout, verflagen, metaal,…) reageren deze ook verschillend op de klimaatschommelingen. Het is dus aan te raden om de schommelingen in de tijd te meten en te controleren. Voor houten beelden is een gemiddeld klimaat zeker aan te raden. De temperatuur moet tussen de 18 en 22°C gehouden worden. De relatieve luchtvochtigheid (RH) moet constant blijven. Een beeld dat een lang tijd in een te hoge of te lage RH gestaan heeft, mag niet te snel in een ander klimaat, met de ideale RH geplaatst worden. Hierdoor kan er ernstige schade optreden. Het aanpassen van de RH moet traag en systematisch gebeuren. De beste waarde bedraagt 45% tot 55% omdat er rekening moet gehouden worden met de verschillende materialen waaruit deze beelden bestaan (gepolychromeerd hout, metaal, weefsel). Plaats het object nooit in de tocht of in de nabijheid van ramen of deuren. Het is ook af te raden om ze in de nabijheid van klimaatapparatuur (luchtbevochtiger of ontvochtiger) en verwarmingstoestellen (radiatoren, kachels of heteluchtblazers) te plaatsen.

Hoe een beschilderd object reinigen?

Het is belangrijk om een beschilderd object regelmatig en voorzichtig te ontstoffen. Zo blijft het langer in een goede staat en wordt de kans op aantasting door insecten en schimmels kleiner. Van een gepolychromeerd object in perfecte staat mag het stof verwijderd worden met een brede borstel met zeer zachte haren (grote make-up kwast). Zuig het stof zo nodig zeer voorzichtig op met een kleine stofzuiger met lage zuigkracht. Vermijd het gebruik van een plumeau of een stofdoek: ze kunnen schilfers lostrekken en verflagen verwijderen. Het schoonmaken van de objecten moet met grote voorzichtigheid en terughoudendheid gebeuren: Wanneer u onregelmatigheden constateert, neem dan direct contact op met een restaurator.

Hoe moet ik gepolychromeerde beelden presenteren?

Plaats het beeld nooit rechtstreeks tegen de buitenmuur. Omdat buitenmuren ’s winters vochtiger en kouder zijn en ’s zomers vaak warmer. Maar ook nooit rechtstreeks op de vloer of een koude ondergrond (bv. steen). Dit is namelijk de plaats waar het eerst condensvorming zal optreden (beelden plaatsen op een ondergrond van kurk kan hiervoor een oplossing zijn). Het object mag ook nooit vlakbij een radiator, verwarmingsrooster, ventilator, luchtbevochtiger, lamp of elektrisch apparaat geplaatst worden.

Hoe mag ik gepolychromeerde objecten verlichten?

Een aangepaste verlichting is nodig. Het is belangrijk dat deze verlichting zo weinig mogelijk licht uitstraalt om de beschadiging te beperken, maar er moet wel nog voldoende licht zijn om het beeld zo goed mogelijk te kunnen waarnemen. Om schade te voorkomen mag er nooit directe verlichting naar het object gericht worden. De op afstand geplaatste verlichting mag een waarde hebben tussen de 150 en 180 lux. Let er ook voor op dat de warmte die verlichting uitstraalt voor ernstige schade kan zorgen. De zon (bestaande uit ultraviolet licht en warmte) kan ernstige schade veroorzaken, vermijd daarom zoveel mogelijk om het zonlicht in de ruimte binnen te laten. Het daglicht moet daarom streng gecontroleerd worden en vermeden worden. Het is beter om het beeld zo weinig mogelijk in het daglicht te plaatsen.

Wat met biologische aantasting?

Onder biologische aantasting verstaan we de aanwezigheid van ratten, muizen, vogels, insecten, schimmels, algen en bacteriën. De aantasting door insecten of schimmels kan voorkomen of niet bevorderd worden door ze moeilijk of onmogelijk te maken. Dit kan men doen door geen stofophopingen of vochtige zones te creëren en regelmatig te reinigen. Er moet ook een goede verluchting voorzien worden. De luchtvochtigheid moet onder de 65% gehouden worden en de temperatuur tussen 18 en 22°C. Controleer het voorwerp regelmatig op de aanwezigheid van houtworm, schimmel en loskomende onderdelen (het maken van aantekeningen is hierbij noodzakelijk). Bij een dergelijke controle moet er niet enkel naar de beschilderde delen gekeken worden, maar ook naar de onbeschilderde delen en wat er zich op en onder de eventuele aankleding van het object bevind. Wanneer schimmel en ongedierte vastgesteld wordt kan men beroep doen op een restaurator.